Sunday, August 31, 2008

Islamofobiefobie

In de maatschappelijke betekenis van het woord ben ik respectloos en intolerant. Ik kan mij namelijk bij vlagen niet vinden in de “manier waarop we in dit land met elkaar omgaan, en in de afspraken die we hierover maken” (vrij naar JP). Dat van Dale geen probleem met mij heeft doet niet terzake. Van Dale is zóóó 2005, daar kom je in onze dienamiese maatschappij niet ver mee. Dus toen ik wilde weten of ik behalve respectloos en intolerant, ook nog islamofoob was, wendde ik mij tot Big Brother Google.

En daar was het antwoord. Op islamophobia-watch. De definitie die we moeten hanteren is die van de ‘Runnymede Trust’. Een lijst met acht punten waarmee een samenleving de maat genomen kan worden. Het is tevens de lijst waarop Winnie Sorgdragers ECRI zich baseert, dus relevant. Kort samengevat komt het hierop neer: indien een zin waarin het woord islam voorkomt eindigt met een vraagteken, dan is er sprake van islamofobie.

Bugger, ben ik ook nog islamofoob. Nadat eerder al arachibutyrofobie en kyphofobie geconstateerd waren dacht ik dat ik mezelf redelijk kende, niet dus. Ik heb een derdegraads islamofobie. Niet alleen plaats ik wel eens een vraagteken, ik herken mezelf ook met enige regelmaat in andermans vraagtekens. Helemaal fout weet ik nu. Arabist Hans Jansen bijvoorbeeld, altijd gedacht dat het een belezen en geleerde man was, professor ook, maar nee. Islamofoob pur sang die met zijn boeken en uitspraken bijdraagt aan de verspreiding van islamofobie. “Use violence against Muslims, says van Gogh’s former mentor”. Ik ben er klaar mee.

En Wilders. Een volksvertegenwoordiger die in het centrum van onze democratie, de tweede kamer, 9/150ste deel van het volk vertegenwoordigt blijkt een ordinaire “far-right racist” te zijn met als enige doel “…to allow the racist ideology of Western Imperialism to gain common currency in its demonisation of Islam”. Het is me wat!

Duizenden excessen uit de gehele wereld verzamelde Martin Sullivan, de webmaster van Islamophobia-Watch. Het heeft mij de ogen geopend. Niet alleen ontmaskert hij de paleoconservatieve stoeppitten die het witte machtsdenken suprimeren, ook stelt hij de plantagementaliteit van moskeemoe Nederland aan de kaak. Net als M.F.A. Enait (mfa voor vrienden) bij ons. Kortom, hij heeft mij doen inzien dat het soort berichtjes dat we op Nieuw Religieus Peil, op HoeiBoei en bij Elsevier vinden, eigenlijk op Islamophobia-Watch thuishoren. En daar plaatst hij ze dan ook. Onder het kopje islamophobia.

Props voor Martin Sullivan die naast zijn vele bijdragen aan Indymedia de tijd vindt om “Islamophobia, a racist tool of Western Imperialism” op een heldere en neutrale wijze aan de kaak te stellen. Het verwijt dat Sullivan en mfa zouden lijden aan islamofobiefobie wil er bij mij niet in. Het zijn juist dit soort mensen die de bipolarisatie voortkomend uit het protototalitairisme devitaliseren en zo de discussie op gang brengen. Benoemen en bouwen, duidelijkheid en de schouders eronder. Het gaat helemaal goedkomen.

Tuesday, August 26, 2008

Geestvraat

Geestvraat is een ernstige aandoening van de hersenen waarbij de patiënt het normale gebruik van de prefrontale cortex mist. In uitzonderlijke gevallen is een ongeval of een aangeboren afwijking de oorzaak, maar meestal is geestvraat het gevolg van een primitieve vorm van neuro linguistisch programmeren (NLP), ook bekend als religie.

De prefrontale cortex is evolutietechnisch gezien een recente aanwinst. Ze stelt ons in staat te plannen, te redeneren en werpt vragen op als: “wanneer wordt het lente?”, “waarom is hij de baas?”, “moet ik dat geloven?” etc. Bijzonder irritant voor wie gewoon z’n ding wil doen natuurlijk. Gelukkig kwam de mens er al snel achter dat je deze zinloze vragenstellerij kon kortsluiten door de antwoorden vóór te programmeren; hoe jonger je begon, des te beter het resultaat. Het leven werd zo een stuk eenvoudiger en dat was niet alleen prettig voor de vragensteller, maar ook voor hen die de boel bij elkaar moesten houden.

Antwoorden als “god schiep de mens en de wereld en de seizoenen”, “god is almachtig” en “de mens is niet in staat gods plan te begrijpen”, zijn ‘gefundenes Fressen’ voor de prefrontale cortex. Daar kan ze wat mee. Het zijn universele kapstokken waaraan snel nieuwe verklarigen kunnen worden opgehangen. De mens heeft van nature namelijk niets met falsificeerbaarheid of zuivere waarneming, haar enige doel is de ratio van antwoorden te voorzien. Antwoorden waarmee onbegrepen fenomenen snel in de dagelijkse bezigheden kunnen worden ingebed zijn daarbij favoriet.

De afgelopen eeuw echter heeft de wetenschap dit kunstje een stok in het wiel gestoken door een groot aantal van de ‘geprogrammeerde’ antwoorden te weerleggen. Gevolg hiervan is dat een enigszins belezen cortex tegenwoordig wéét dat de aarde ouder is dan 6000 jaar. Dat ze bovendien niet in het middelpunt van ons zonnestelsel staat, dat de sterren niet aan een firmament geplakt zitten en dus ‘de rest van het verhaal’ ook wel niet zal kloppen.

Toch gaat het grote programmeren onverminderd door. Niet langer om de antwoorden, maar omwille van ‘de Hogere Waarheid’, ‘de Goede Zaak’ en ‘onze bestwil’; kortom: het programmeren dient geen ‘wetenschappelijk’ doel meer. Desondanks wordt nog steeds bij miljoenen kinderen de ratio besneden middels speciale NLP-programma’s die hun oorsprong vinden in eeuwenoude woestijnreligies waarvan een onnodige god het middelpunt vormt. Religies waarvan de educatieve waarde lang voorbij de uiterste houdbaarheidsdatum is, maar die om machtspolitieke redenen maatschappelijk verankerd dienen te blijven.

Dat hierbij jaarlijks miljoenen IQ-punten verloren gaan deert de programmeurs niet, noch dat deze vorm van ‘hiernamaalsdenken’ wérkelijke vooruitgang tegenhoudt. Integendeel, dit wordt zelfs als een verdienste beschouwd. Het trieste gevolg van deze breed gedragen misdaad tegen de menselijkheid is dat wij nu, dag in dag uit, worden geconfronteerd met haar slachtoffers. Met verdwaasde geesten bij wie de maatschappelijk desoriëntatie evident is en bij wie de perceptie van de werkelijkheid niet meer te rijmen valt met hetgeen zij waarnemen. Geestvraat is een heuse plaag geworden. Zomaar een paar dossiers:

Ik vind de scheppingsdaad zoveel eenvoudiger te begrijpen dan een evolutie of een big bang” (André Rouvoet). Diagnose: patiënt is bekend met het bestaan van ‘wetenschappelijke alternatieven’ maar verkiest deze rationeel te verdringen. In dit geval verwijst de patiënt zelfs naar een populair wetenschappelijk principe dat bekend staat onder de naam: Ockham’s razor.

ik zou graag een kamerdebat willen om te onderzoeken of intelligent design ook niet op de scholen onderwezen kan worden” (Maria van der Hoeven). Diagnose: patiënte heeft geconstateerd dat haar geprogrammeerde wereldbeeld niet langer in overeenstemming is met de werkelijkheid. Omdat zij t.g.v. de geestvraat niet in staat is haar eigen wereldbeeld bij te stellen, zal zij trachten háár beleving van de werkelijkheid tot officiële visie te verklaren.

Plasterk heeft mij nog steeds niet kunnen uitleggen waarom evolutie waarschijnlijker is dan de scheppingsdaad. Een kans van 1 op miljardmiljardmiljard?” (Andries Knevel). Diagnose: de patiënt vermag niet begrijpen dat de kans dat hij bestaat ongeacht zijn visie 1:1 is, en dat de werkelijke vraag moet luiden: kan ik gods bestaan bewijzen met een zekerheid die gróter is dan die 1 op miljardmiljardmiljard? Omdat het NLP-slachtoffer is geleerd dat godsbewijzen onmogelijk zijn (de kans op een succesvol bewijs is dus nul), wil hij deze gedachte niet toelaten en blijft hij, heftig sticulerend, op dit grote getal wijzen.

Zonder geloof kan een mens niet functioneren” (Minister-President J.P. Balkenende). Diagnose: de geestvraat is bij deze patiënt overgeslagen naar andere delen van de hersenen, waardoor biologische prikkels volledig worden onderdrukt. De prefrontale cortex kan zich nog slechts van NLP-artefacten bedienen.

Geestvraat is een mensonterende aandoening die slechts bij hoge uitzondering genezen kan worden. Het voorkomen van deze aandoening is echter zeer eenvoudig. Schrap de Art. 23 scholen, verhoog de minimumleeftijd voor religie van nul naar zestien jaar en stop met het subsidiëren van religieuze NLP-programmering. Maar hiervoor is geld nodig, veel geld. Geef daarom ruimhartig als straks de collectant bij u voor de deur staat. Dank.

Friday, August 22, 2008

Het Grote Gelijk hebben (en krijgen)

Heftige discussies momenteel over het al dan niet mogen aanwenden van geweld om een maatschappelijke verandering te bereiken. De buitengewoon integere Duyvendak zegt nee. Cohen zegt (eigenlijk) ja. Filosofen worden er met de haren bijgesleept. Probleem is alleen dat de discussie zich puur richt op de weg en niet op het doel, terwijl dit toch hetgene is waarop latere generaties de actoren zullen afrekenen. Diende het doel de mensheid, of beter nog: diende het doel de menselijkheid?

Nelson Mandela gaf leiding aan de gewapende tak van het ANC, voerde een sabotagecampagne tegen het Apartheidsregime en zat 27 jaar in de cel. Wijnand Duyvendak gaf een aksiekrantje uit, brak in bij het Ministerie van Economische Zaken en zat zes weken vast. Beiden vonden rechtvaardiging voor hun burgerlijke ongehoorzaamheid in een Hoger Gelijk. Beiden waren bovendien van mening integer te handelen. Waarom mocht Mandela president worden en moest Duyvendak zijn kamerzetel opgeven?

Wat bepaalt of iemands persoonlijke ‘Theory of Justice’ uiteindelijk door het grote publiek wordt geaccepteerd of verworpen? Welke doelen worden algemeen geaccepteerd en welke wegen mogen bewandeld worden? Hanteren wij bij de beoordeling hiervan rationele criteria of is het puur een kwestie van de X-factor hebben?

De Nederlandse socioloog en jurist Kees Schuyt stelt (1972): “Burgerlijk ongehoorzame handelingen zijn illegaal maar wel openlijk en gewetensvol. Zij zijn ook geweldloos en respecteren de rechten van anderen”. Gandhi voldoet aan deze criteria, dominee King voldoet aan deze criteria, maar Nelson Mandela in geen geval. Toch kreeg hij in 1993 de Nobelprijs voor de Vrede.

Bij andere definities, zoals bijvoorbeeld die van Muschenga valt Mandela wél binnen de grenzen. Deze filosoof acht burgerlijke ongehoorzaamheid ‘acceptabel’ indien (verkort): de overheid de veiligheid van mensen in gevaar brengt of, een onrechtvaardige verdeling organiseert of, de waarheid manipuleert en de vrijheid onderdrukt. Maar, valt de jonge Wijnand hier niet óók binnen de grenzen immers: ‘kernenergie is een gevaar’, ‘woningnood is onrechtvaardig’ en ‘onze regering vertelde niet de waarheid’?

Door dit zo te stellen wordt onmiddellijk duidelijk waar het zwakke punt in de bovenstaande definities zit. Duyvendak stelt welliswaar dat kernenergie een gevaar vormt, maar u en ik denken daar misschien heel anders over. De ‘angst voor kernenergie’ is geen universele menselijke angst zoals bijvoorbeeld de angst voor pijn. Niemand wordt geboren met een angst voor kernenergie. Daarmee kan het te bereiken doel, een verbod op kernenergie, niet rekenen op universele acceptatie. Het Grote Gelijk is hier subjectief, is een persoonlijke mening en betreft geen ‘algemeen menselijk waarde’.

Schuyts reserve m.b.t. geweldloosheid doet een uitspraak over de te volgen weg. Indien geweld wordt gebruikt om het doel, het Grote Gelijk, te bereiken, dan moet het einddoel worden afgekeurd. Maar dat is kolder; doel en weg zijn wezenlijk verschillende grootheden. De dynamiek van het veranderingsproces zegt niets over de waarde van het einddoel. Daarenboven is ieder individu, gegeven een bepaald dreigingsniveau, tot geweld in staat. Dat zit diep in onze genen verankerd; we weten het en accepteren het. Zinloos geweld mag dan taboe zijn maar met zinvol geweld kent de menselijke constitutie weinig problemen. Geweldloosheid kan dan ook geen criterium zijn voor acceptatie of verwerping van burgerlijke ongehoorzaamheid; het wordt zeker meegewogen maar is geen diskwalificatie an sich.

De middelen, zoals illegaliteit en gericht geweld, blijken voor de beeldvorming en acceptatie überhaupt een beperkte rol te spelen, getuige de geschiedenis. Terugkijkend op een lange historie van burgerlijke ongehoorzaamheid, variërend van de Franse Revolutie, de Amerikaanse Burgeroorlog tot aan het vrijlaten van nertsen, lijkt onze goedkeuring (achteraf) primair afhankelijk van een tweetal zaken:

1) de beoogde verandering belooft een eindsituatie die beter aansluit bij de menselijke constitutie ( bij de menselijkheid, de intrinsieke aard van de mens)
2) de bereikte eindsituatie sluit beter aan bij de menselijke constitutie

Bij het eerste punt vragen we ons af of wij de motivatie van de actor begrijpen. Bij het tweede punt rekenen wij de actor af op hetgeen hij bereikt heeft. Wij geven de actor bovendien maar beperkt de tijd om zijn einddoel te bereiken.

Ad 1) In het Zuid-Afrika ten tijde van de Apartheid hadden blanke mensen meer rechten en meer mogelijkheden dan zwarte mensen zonder dat hier een aansprekende, algemeen menselijke motivatie aan ten grondlag lag. De mens, in algemene termen, is ingericht op samenwerking binnen een groep, niet op onderdrukking en slavernij. De willekeur waarmee landgenoten elkaar in Zuid-Afrika uitsloten, werd door de buitenwacht als ‘onnatuurlijk’ beoordeeld. Het streven deze ongelijkheid op te heffen was daarmee gerechtvaardigd.

Ad 2) Na dertig jaar strijd, pressie en boycots stapte Zuid-Afrika af van het Apartheidssysteem. Er kwamen verkiezingen en er vond een vreedzame overdracht van de macht plaats. De bereikte eindsituatie was daarmee beter in lijn met de menselijke aard. Eind goed al goed, Mandela for president. Als punt 2 echter niet bereikt zou zijn, bijvoorbeeld omdat er een burgeroorlog was uitgebroken die het land in buurtschappen uiteen had doen vallen (het Balkan-syndroom), dan had er voor Mandela geen Nobelprijs klaar gelegen. Dan was Zuid-Afrika de zoveelste Failed State geworden en had Mandela ‘het gedaan’, dit ondanks de validiteit van zijn motivatie (punt 1).

Zodra aan de punten 1 en 2 is voldaan, dan is de bewandelde weg in ons eindoordeel veelal bijzaak geworden. Mooi natuurlijk als het doel met vreedzame sit-inn’s werd bereikt, maar achteraf kunnen we geweld ook accepteren (Franse Revolutie, Amerikaanse Civil War, Hiroshima). De visie van spijtoptant Duyvendak, die nu pleit voor onvoorwaardelijke geweldloosheid, wordt door de geschiedenis dan ook niet onderschreven, althans niet waar het gaat om het afschudden van onnatuurlijk onrecht, om een verbetering van de menselijkheid.

Daarentegen zullen de gewelddadigheden tijdens de krakersrellen uit de tachtiger jaren altijd een punt van discussie blijven omdat het doel, geen leegstand/gratis wonen/eerlijke markt, niet voortkomt vanuit een evolutionaire moraal. Ze werden niet gevoed vanuit een universeel rechtvaardigheidsgevoel maar betroffen een rationeel ethisch standpunt waarin je gelooft, of niet gelooft. Hetzelfde geldt voor Stop Kernenergie, Stop verbreding A4, Stop Schiphol of Sloop de Flitspaal. Het zijn ideeën, doelen zonder genetische verankering.

Met religies is het niet anders. Een vrijgeboren mens, die zich moet onderwerpen aan de regels die een religie hem oplegt, zal dit ervaren als een achteruitgang en in strijd met zijn ‘evolutionaire natuur’. Hij zal erg zijn best moeten doen om deze staat van onderwerping niet als eindsituatie maar als weg te ervaren opdat het doel de middelen kan heiligen. In de regel lukt dat alleen als de staat van onderwerping al van kindsbeen af tot onderdeel van zijn of haar constitutie is gemaakt; middels de opvoeding thuis, het leertraject op school en de preken in kerk of moskee.

Wie straks in Iran de wapens oppakt en het land omtovert van de theocratische dictatuur die het nu is, tot een welvarend Perzië met een scheiding tussen het hemelse en het aardse, kan op onze (toekomstige) bijval rekenen. Wie daarentegen de democratie misbruikt om een totalitaire ideologie te installeren pleegt een misdaad tegen de menselijkheid.

Afshin Ellian maakte zich donderdag boos over gewelddadige acties in Nederland die een (politiek) doel willen bereiken. Geheel terecht. De humanitaire constitutie van de Nederlandse burger ligt niet onder vuur. Hoe verschrikkelijk oneens je het als individu met deze regering of een bepaalde organisatie ook moge zijn, geweld dat nu wordt aangewend zal ons door het nageslacht niet worden vergeven; ze voldoet namelijk niet aan de punten 1 en 2.

Afghanistan en Irak? Twee dictaturen die middels gunboat-democracy omver zijn geworpen om plaats te maken voor een natiestaat naar Westers model. Aan voorwaarde 1 is voldaan. Indien binnen afzienbare tijd (een van) beide landen tot een welvarende humane staat zal transformeren (voorwaarde 2), wordt Bush door toekomstige generaties in het gelijk gesteld, ongeacht zijn olie-agenda, ongeacht zijn engelenvisioen. Als aan punten 1 en 2 is voldaan krijgt hij gelijk, en anders niet.

Gratis web site teller.